Ode aan het landschap

Tot 1900 hebben de meeste mensen niks te zoeken op Terschelling, laat staan dat ze het landschap en het licht willen vereeuwigen. Vanuit de steden in het westen is de Hollandse kust makkelijker te bereiken en daar zijn al veel vroeger badplaatsen, kuuroorden en kunstenaarskolonies ontstaan. Met de komst van de eerste badgasten op Terschelling rond 1900, komen ook de eerste schilders. Na de tweede wereldoorlog neemt het toerisme grote vormen aan. Terschelling, met al z’n facetten, wordt gewaardeerd en inspireert. Polder, kwelder, duin, strand, wad en de huizen verschijnen op het schilderdoek.
In ’t Behouden Huys hangt een zestiental olieverven bijeen van verschillende kunstenaars: J.A. Deodatus, M. Richters, B. van der Sloot, A. Blok van der Velden, P. Bruijn, Leo, H. Gorter, C. Rodenburg, P. Piersma en E. Stada. Alle schoonheid van Terschelling, ‘Ode aan het Landschap’. En terecht!